Weetjes over Parijs: 15 verrassende feiten over de Lichtstad

Parijs zit vol verrassingen. De stad staat bekend als de Lichtstad, maar er zijn genoeg weetjes over Parijs die de meeste bezoekers nooit horen. Van een halve miljoen bomen langs de boulevards tot een geheime bunker onder de stad: hier zijn de opvallendste feiten op een rij.

De bomen van Parijs: een half miljoen stuks

Parijs herbergt naar schatting een half miljoen bomen, een erfenis die teruggaat tot de grote stadsvernieuwing van de 19e eeuw. Baron Haussmann legde in opdracht van Napoleon III brede lanen aan, omzoomd door bomen. Die traditie is nooit gestopt. Vandaag de dag zijn de kastanje- en platanenbomen langs de grote boulevards een van de meest herkenbare kenmerken van de stad. Veel toeristen kijken er dwars doorheen, maar de bomenrijen geven Parijs een groot deel van zijn sfeer.

De Eiffeltoren groeit in de zomer

De Eiffeltoren is ongeveer 330 meter hoog, maar dat getal klopt alleen in de winter. Door warmte zet het ijzer uit, waardoor de toren in de zomer tot wel 15 centimeter langer kan worden. Dit is geen stadslegende, maar simpele natuurkunde. Bij extreme hitte buigt de toren ook lichtjes af van de zon, aan de kant die het meest beschaduwd is. Gustave Eiffel wist dit en hield er rekening mee bij het ontwerp.

Parijs heeft meer dan 130 musea

De stad telt meer dan 130 musea, van wereldberoemd tot volkomen onbekend. Het Louvre is het drukst bezochte museum ter wereld, maar er zijn ook musea gewijd aan onderwerpen als riolen, wijn en zelfs valse kunst. Het Musée de la Contrefaçon, het museum voor namaakproducten, laat bezoekers echte en neprproducten naast elkaar zien. Als je in een week elke dag vijf musea zou bezoeken, kom je nog niet overal.

De catacomben: een stad onder de stad

Onder Parijs liggen de catacomben: een netwerk van tunnels van in totaal meer dan 300 kilometer. Daarin liggen de resten van naar schatting zes miljoen mensen, netjes gestapeld aan de wanden. De tunnels zijn aangelegd in voormalige steengroeven, de plek waar eeuwenlang de kalkstenen bouwblokken voor de stad werden gewonnen. Slechts een klein deel van de tunnels is officieel open voor publiek. De rest is verboden terrein, maar dat weerhoudt avonturiers, de zogenoemde cataphiles, er niet van om er stiekem in te verdwijnen.

De Louvre was ooit een koninklijk paleis

Voordat het Louvre een museum werd, diende het eeuwenlang als koninklijk paleis. Pas in 1793, tijdens de Franse Revolutie, werd het opengesteld voor publiek als museum. Vandaag de dag hebben de permanente collecties zo veel werken dat je zelfs als je elke dag een paar seconden per kunstwerk zou besteden, meerdere maanden nodig hebt om alles te zien. De glazen piramide bij de ingang, ontworpen door architect I.M. Pei, dateert pas uit 1989 en stuitte bij opening op veel kritiek. Nu is het een van de meest gefotografeerde plekken van de stad.

Parijs en het record voor rooftops en panorama’s

De stad heeft een strikte bouwhoogtegrens. Buiten de wijk La Défense mogen gebouwen in Parijs niet hoger zijn dan 37 meter, grofweg tien verdiepingen. Die regel is er bewust, om het zicht op historische monumenten te beschermen. Het gevolg is een opvallend gelijkmatige skyline in het stadscentrum, die zicht biedt op kerktorens en koepels die anders verscholen zouden liggen achter wolkenkrabbers.

Meer verrassende weetjes over Parijs

  • Parijs heeft maar één officiële stop sign in de hele binnenstad. De rest van de kruispunten werkt met voorrangsregels.
  • De Seine heeft 37 bruggen binnen de stadsgrens, elk met een eigen karakter en geschiedenis.
  • Het Parijse metronetwerk telt 16 lijnen en meer dan 300 stations. Veel stations zijn versierd als mini-museum, elk met een eigen thema passend bij de buurt.
  • Parijs werd tijdens de Tweede Wereldoorlog nauwelijks gebombardeerd. De grotendeels gave historische binnenstad is daar het bewijs van.
  • De officiële naam van Parijs is “Ville de Paris”. De stad is tegelijkertijd een gemeente én een departement, een unieke bestuurlijke situatie in Frankrijk.
  • Vliegveld Charles de Gaulle is een van de drukste in Europa, maar de stad zelf heeft ook een tweede vliegveld: Orly, ten zuiden van de stad.
  • De liefdessloten op de Pont des Arts werden in 2015 verwijderd. Het gewicht van honderdduizenden sloten dreigde de leuning te beschadigen.

Waarom Parijs “de Lichtstad” heet

De bijnaam “Ville Lumière” komt niet alleen van de verlichte straten. In de 17e en 18e eeuw was Parijs een centrum van wetenschap, kunst en filosofie. De stad gold als een baken van kennis en verlichting in Europa. Later, toen Parijs als een van de eerste steden ter wereld overschakelde op gaslantaarns en daarna elektrische straatverlichting, verstevigde de naam zich. Nu zijn ’s avonds de gevels van monumenten als de Notre-Dame en de Eiffeltoren verlicht, wat de bijnaam letterlijk maakt.

Of je nu voor het eerst naar Parijs gaat of er al meerdere keren bent geweest: de stad blijft verrassingen bieden. Kijk verder dan de bekende attracties en je ontdekt een stad die veel dieper gaat dan ansichtkaarten doen vermoeden.