Hommel weetjes: 15 verrassende feiten over deze harige bij
- 1. Hoeveel hommelsoorten zijn er eigenlijk?
- 2. Hommels kunnen vliegen terwijl dat "eigenlijk niet kan"
- 3. Hommel weetjes over hun lichaam
- 4. Alleen het mannetje heeft geen angel
- 5. Het hommelkolonie duurt maar één seizoen
- 6. Hommels navigeren met hulp van de zon
- 7. Hommels houden van specifieke bloemen
- 8. Wat je kunt doen voor hommels in je eigen tuin
Hommels zijn veel interessanter dan je misschien denkt. Ze zien er schattig en wollig uit, maar achter dat zachte uiterlijk gaat een wereld vol bijzondere eigenschappen schuil. Van hun manier van vliegen tot hun plek in de natuur: hommel weetjes zijn vaak verrassend en soms ronduit verbazingwekkend.
Hoeveel hommelsoorten zijn er eigenlijk?
Wereldwijd zijn er bijna 250 soorten hommels. In Nederland kom je er zo’n 30 tegen. De bekendste zijn de aardhommel, de steenhommel, de akkerhommel en de weidehommel. Je herkent ze allemaal aan het typische geel-zwarte patroon, maar als je goed kijkt, zijn er duidelijke verschillen in kleur, grootte en de breedte van de gekleurde banden.
Hommels kunnen vliegen terwijl dat “eigenlijk niet kan”
Lang werd gedacht dat hommels aerodynamisch gezien helemaal niet zouden kunnen vliegen. Hun lichaam is te groot en te zwaar in verhouding tot hun vleugels. Toch vliegen ze gewoon. De verklaring zit in hoe snel ze hun vleugels bewegen: hommels maken kleine, snelle slagen in een soort achtvorm, waardoor ze genoeg lift genereren. Dit is fundamenteel anders dan hoe vliegtuigen werken.
Hommel weetjes over hun lichaam
Een hommel heeft een dik, harig lichaam. Die haren zijn er niet alleen voor de sier: ze vangen stuifmeel op terwijl de hommel van bloem naar bloem vliegt. Op de achterpoten hebben hommels speciale kuiltjes, die “stuifmeelkorfjes” heten. Daarin stoppen ze het verzamelde stuifmeel om het naar het nest te dragen.
Hommels hebben ook een warmtemechanisme dat weinig insecten bezitten. Ze kunnen hun vliegspieren trillen zonder daarbij hun vleugels te bewegen. Zo warmen ze zichzelf op voor ze opstijgen. Dat is de reden dat je hommels al in vroege voorjaarsochtenden ziet vliegen, terwijl andere bijen nog wachten op warmere temperaturen.
Alleen het mannetje heeft geen angel
Veel mensen zijn bang voor hommels, maar dat is meestal onnodig. Mannetjeshommels hebben helemaal geen angel. Vrouwtjeshommels hebben er wel een, maar ze gebruiken die zelden. Een hommel steekt alleen als ze zich écht in het nauw gedreven voelt. Ze is van nature niet agressief. Als je een hommel ziet rondbuzzen, kun je haar gewoon haar gang laten gaan.
Het hommelkolonie duurt maar één seizoen
Een hommelkolonie is niet permanent. In het voorjaar begint een bevruchte koningin in haar eentje een nieuw nest. Ze verzamelt stuifmeel en nectar, legt eitjes en verzorgt de eerste werksters helemaal alleen. Gaandeweg groeit de kolonie, maar aan het einde van de zomer sterven de koningin en de werksters. Alleen de nieuwe, bevruchte koninginnen overwinteren en starten het jaar erna een nieuw nest.
Hommels navigeren met hulp van de zon
Hommels zijn verrassend goede navigators. Ze onthouden de ligging van hun nest ten opzichte van de zon en gebruiken daarbij ook polarisatiepatronen in de lucht die voor mensen onzichtbaar zijn. Ze kunnen bloemen op kleur en vorm herkennen en leren welke bloemen de meeste nectar opleveren. Als een bloem leeg is, laten ze die links liggen en zoeken een betere optie.
Hommels houden van specifieke bloemen
Door hun langere tong dan veel honingbijen kunnen hommels bij bloemen komen met een diepere bloemkroon. Denk aan rode klaver, vingerhoedskruid en comfrey. Korttongende hommelsoorten knippen soms gewoon een gaatje in de zijkant van een bloem om toch bij de nectar te komen, zonder de bloem te bestuiven. Dat heet nectarroofsterij.
Wat je kunt doen voor hommels in je eigen tuin
Hommelpopulaties staan onder druk door verlies van bloemrijke gebieden en het gebruik van pesticiden. In je eigen tuin kun je al het verschil maken door inheemse bloeiende planten te zetten, zoals lavendel, wilde marjolein en phacelia. Een oud muizennestkastje of een hommelkast half ingegraven in de grond kan een koningin in het voorjaar een goede start geven.
Hommels zijn kortom veel meer dan dat zachte, zoemmende insect dat je in de zomer voorbij ziet vliegen. Ze zijn aangepast om te overleven in omstandigheden waarbij andere bestuivers afhaken, ze zijn slimmer dan ze eruitzien en ze spelen een grote rol in het bestuiven van wilde planten en gewassen. Al die weetjes over de hommel samen maken duidelijk waarom ze de moeite waard zijn om te beschermen.
Weetjes: de leukste en meest verrassende feiten op een rij
Olifanten weetjes: 15 verrassende feiten over het grootste landdier
Weetjes over vulkanen: 10 verrassende feiten die je verbazen